<

Yosemite Park 1978
o

De blik
o

Eind jaren zeventig. Ik woon in Washington DC. Ik neem deel aan een rondleiding door stukken van het Yosemite Park in Noord-Amerika. We gaan naar een plek waar een beroemd uitzicht is. Een vallei met steile rotswanden.
o

Er staat een gids ons op te wachten, die "er van weet", zijn ogen zoeken, hij verzamelt de groep en brengt ons met zijn blik bijeen. Vervolgens schakelt hij met oogopslag en woorden door naar het schouwspel van de natuur.
o

Zijn rondgaande zoekende blik, die een overzicht wilde hebben, viel me op. Zo zijn de blikken van alle gidsen ter wereld, man of vrouw: eerst zoekend, alle kanten op kijkend, verzamelend. Vervolgens afbrekend en ons naar iets nieuws dirigerend. Waar het omgaat was dat ik niet veel later, terug in Nederland, in 1983 een figuur zou ontwerpen die iets over zijn blik vertelde. Er een metafoor van was. Een oogopslag komt naar je toe, maar breekt ook af om zich op iets anders te richten. De blik lijkt te zwerven, maar krijgt stootjes pulsjes van iets dat zich in de geest afspeelt, zich verschuivend, onmerkbaar afbrekend.
o

Een bijkomende scene die zich in mijn geheugen etste: ik sta achteraan in de groep. Er staat een vrouw voor me. Ze draagt een hoofddoekje. Op dat hoofdoekje staan die rotswanden opnieuw afgebeeld. Het Cacaodoosjes effect. Maar toch anders want de vrouw stond met de rug naar me toe. De scène vervloog naar een grotere scène, niet naar een kleinere.
o

De omkeerbaarheid van onze manieren van kijken. Mijn blik leek een verdwijnpunt waar niet alleen een tafereel in verdwijnen kon, maar waar ook een tafereel uit verschijnen kon.
o