<
o

Bangkok 1970
o

Kunstgreep
o

Als je van heel ver weg naar een object kijkt dan zie je maar een stipje. Je vraagt je af; wat zou het kunnen zijn? En het kan dan nog van alles worden. Een stap naar voren maken (neem dit figuurlijk) en er gaan dingen van dat stipje uitsteken. Dat stipje zou ook naar je toe kunnen bewegen. Je vraagt je weer af (of het vraagt zich af): wat zou het zijn? Het zou een een arm kunnen zijn die uitsteekt om te wuiven van uit de verte, of de zijspiegel van een auto... Vanaf dat moment grijp ik in: ik laat een soort kijkapparaate voorzien van twee paar "kijkers" de taak om verder te kijken overnemen. Het object dat alleen nog maar hier en daar uitsteekt wordt nu verder bekeken en visueel benaderd door een groep gekleurde elektrische (verkeers)lichten en niet meer door mij. Om dat proces vorm te geven gebruikte ik een reeks veelhoeken.

Een waarnemingsbelevenis van een tiental jaren geleden voordat ik al schilderend die ingreep maakte, en in Thailand woonde heeft me zonder dat ik het besefte, daartoe een zetje gegeven.
o

Thailand 1972

Een veelhoek in een boom

Kanchanaburi. Op de river Kwai vlak langs de Birmese grens varen we naar het Noorden.. We zitten in een heel snelle boot.
En route zag ik iets dat ik niet meteen kon definiëren, het bewoog heen en weer aan of op een boomtak. Het was nog niet echt iets. Ik bleef het, er al varend dichterbij komend, vasthouden met mijn ogen.
Iets later, we kwamen nog dichter bij, zag ik dat datzelfde ding zich ontpopte als een donkere veelhoek. Was het een lap, een vogel? Of iets anders?
Nog later, nu vlak bij, zag ik het pas echt: een transparant stuk grijzig plastic om een tak heen geslagen. Bewogen door de wind. Thuis in Bangkok maakte ik een ets van dat ding, een aquatint, in het stadium dat het zich als een veelhoek voordeed.. De ets zag er net zo uit als wat ik zag in die boot: een donkere veelhoek hangend aan- en tegelijk wiebelend op een boomtak.
o

Ik heb die ets later weggegooid maar onthield toch dat ik hem gemaakt had, omdat ik toen die scène van belang vond.

Bij het schilderen later (1982) besloot ik, zonder dat die herinnering bij me opkwam, dat je als je een 'virtueel' object zou willen laten zien dat meer was dan een stip maar nog geen voorgoed zichtbare vorm, dat dan veelhoeken uitkomst konden bieden.

Bij het zien van iets op heel grote afstand komt potentialiteit kijken. Het kan nog van alles zijn. Het geloven, hopen en wensen is er een logisch gevolg van.
o

o