<

o

Koplampen New York
o

Bij het uitstappen sta je even op het asfalt. Het is nacht. Op nat asfalt geven de koplampen van de auto 's een weerschijn. Als je ze frontaal ziet bewegen, heel langzaam en in de nacht en je kijkt terloops naar dat schouwspel dan kan de werkelijkheid anders overkomen. Ik zag tot mijn verbazing kwetsbare gestalten die statig en onaangedaan over de weg hun schreden maakten. Ze waren geheel en al van licht gemaakt. Eerst zie je dat beeld en die werkelijkheid .. Er is een fractie van een seconde een totaal geloof. Je blik focust op die stoet. Je krijgt een schokje en je mompelt: wat komt daar aan? Maar al gauw zie je dat het beeld gekoppeld is aan een werkelijke omgeving: nat, donker en koud. En dat het ging om de koplampen van auto's waarvan de zich verwijdende reflecties een hoek maken op het wegdek. En dan lach je een beetje. Alles speelt zich af in een split second.
o

Mijn eerste indruk waren niet de objectieve auto's die, met hun lampen aan, op het asfalt aan kwamen rijden. Eerst waren er 'lichtfiguren die voortschreden'. Tekens die tussen mij en het werkelijke object kwamen te staan. Indruk die meegevormd werd door eigen belevenissen.
o

Zo herinner ik me - pas ná de waarneming en ná dat ik er verslag van deed - , dat er elk jaar in Groningen een soort rondgang van professoren plaats vond. Een stoet van wijze oude mannen en vrouwen in vol ornaat, in toga's gehuld, een academische baret op het hoofd. Hun schreden waren bedachtzaam, hun gestaltes breekbaar. Ik moet er meerdere malen getuige van zijn geweest. Ook al had ik dat tafereel vergeten, blijkbaar had het toch indruk gemaakt.
o

Op de keper beschouwd en ten lange leste ontleende ik aan deze belevenis het concept van de 'mentalen', de tweede groep figuren.